Wereldbouw
- 8 uur geleden
- 2 minuten om te lezen
Elke twee weken een blog schrijven. Het klonk makkelijker dan het blijkt te zijn. Want waar schrijf ik dan over? En dan helpt het natuurlijk ook niet als het vervolgens drie weken lang een ziekenboeg is thuis. Gelukkig is onze zoon ondertussen weer beter en verdwijnen ook bij onze dochter langzaam de laatste waterpokken. En dat ik zelf nog een beetje verkouden ben, dat is niet zo erg. Ik kan in ieder geval weer nadenken.
Dus dan rest alleen nog het eerste probleem. Waar schrijf ik over? De afgelopen weken ben ik lekker bezig geweest met het schrijven van mijn vierde boek. Ondertussen zit ik op ruim 17000 woorden en 8 hoofdstukken (en voor de niet-schrijvers onder ons: ongeveer 75 boekpagina’s). Dus dat loopt goed. Ik ben hier en daar alweer afgeweken van mijn bedachte plot, maar niet op zo’n manier dat ik alles opnieuw moet uitdenken. Eigenlijk komt het mijn bedachte plot zelfs ten goede.
Ondertussen ben ik bezig met het uitdenken van een tweede verhaal, want zoals ik in mijn eerste blog al een beetje had weggegeven, ben ik van plan om af en toe een stukje van een lang verhaal te gaan posten. Ik heb erover getwijfeld welke van mijn vele ideeën ik wil uitwerken, maar ik heb een keuze gemaakt. Het wordt Kus van de Getijden (werktitel). Een verhaal dat zich afspeelt in een stad, die gebouwd is op een klif en waar een groot klassenverschil de norm is.
En dan? Ik heb een idee, maar hoe nu verder? Dat verschilt natuurlijk per schrijver. Als ik een nieuw verhaal wil schrijven, dan begin ik met het tekenen van een nieuwe kaart. Dat bepaalt niet alleen waar de steden liggen, maar ook hoe de samenleving eruitziet. Mensen in een woestijn hebben tenslotte hele andere behoeften dan mensen in een regenwoud.
Tegenwoordig doe ik dit op de iPad in Procreate en ik volg altijd hetzelfde stappenplan. Ik begin dan met het bedenken hoe op mijn nieuwe wereld de tektonische platen liggen en ik welke richting ze bewegen. Met een dobbelsteen bepaal ik welke platen oceanisch zijn en welke continentaal. Dit alles geeft me de algemene vorm van de continenten en de locaties van de gebergtes. Dan gebruik ik een versimpeld model van luchtstromen om te bepalen waar de rivieren, woestijnen en bossen komen. Als ik dat weet, dan kan ik gaan tekenen.

En het grappige, nu ik een volledige wereldkaart heb? Zoals ik al zei, speelt het verhaal zich af in één enkele stad. Dus het enige waar ik de wereldkaart echt voor zal gebruiken is om te achterhalen op welke breedtegraad de stad ligt, zodat ik weet in welke klimaatzone ze zitten. En dat is in dit geval op ongeveer 25 graden N.B.
Kun je raden waar de stad ligt?
Volgende stap: de personages uitwerken!



